Jan Pouw:

“Terugkijkend op de SEB-tijd:

Ik kan zeggen dat ik er

veel van heb geleerd.

Ik heb het graag gedaan.”

Interview

“Op de bus werken met de handen en bij SEB met het hoofd”

Dit jaar stopt Jan Pouw ermee als lid van de commissie Sociaal Economische Belangen (SEB). Na dik negen jaar draagt hij het stokje over. Een opvolger is niet snel gevonden. Want met zoveel hart en toewijding als Jan voor ‘de zaak’ vind je ze niet zo makkelijk. Goed voor een erkenning als ‘lid van verdienste’, te bekrachtigen op de volgende ledenraad. Jan hoeft niet zo nodig in de schijnwerpers: “Ik zit eerlijk gezegd niet op dit interview te wachten.” Maar hij doet toch even mee …

Zo’n negen jaar geleden begon Jan Pouw (69) bij de VSI, voorloper van de VO-ING en VO-NN.

Hij kwam daar dankzij Jan Hoogvliet, zijn oude leidinggevende bij RVS. Ze hadden na hun afzwaaien steeds contact gehouden. Samen met enkele andere oud-RVS-collega’s kwamen ze geregeld bij elkaar in het zelfbenoemde en zogeheten ‘Hoekschewaard Convent’: samen een hapje eten en bijpraten. Jan Pouw: “Ik deed van alles voor de commissie. We zorgden voor de zorg- en schadeverzekeringen met collectieve contracten voor de leden bij RISK-Direct, met Zilveren Kruis. Ook de contacten bij ONVZ lagen bij ons op het bord. Binnen SEB was ik het aanspreekpunt voor zorg en welzijn en de coördinatie van de communicatie zoals de stukjes in de ledenbladen en de Wegwijzer op de site.”

De menselijke factor en de zorg lopen als een rode draad door de carrière van Jan die als zeventienjarige na de mulo bij AMEV - nu ASR - begon met het controleren van polissen van de levensverzekeringsafdeling. Toen hij als messbediende de militaire dienst in moest was hij dat controleren “helemaal zat”. In zijn diensttijd had hij “amper een geweer in handen gehad”. Hij kon na zijn afzwaaien verder bij de afdeling Schadeverzekeringen als correspondent. “Het leukste vond ik het contact met klanten. AMEV had veel boeren als klant. Ik herinner me dat er eens een stier was ontsnapt die een koe had besprongen. Voor de situatieschets had de boer er maar een tekening van gemaakt. Hilarisch natuurlijk.”


Via RVS naar NN

In 1977 maakte Jan de overstap naar RVS. Zo kwam hij in Rotterdam terecht. Jan werd schadecorrespondent bij Motorrijtuigen. Van correspondent werd hij hoofdcorrespondent. “Ik begon toen leiding te geven.”
Jan maakte als afdelingshoofd de overstap naar Acceptatie en ging zich bezighouden met de beoordeling van risico’s en premiebepaling. Voor vergaderingen in de regio’s reisde hij met plezier het hele land door.

En het leukste? “Dat was wel het leidinggeven, samen een afdeling runnen. Leidinggeven is voor mij samenwerken: als team een klant bedienen en daarmee goede contacten onderhouden. Niet meer ík maar óns. Als leidinggevende stond ik niet boven de teamleden, maar ertussen. Wel maakte ik duidelijk wie uiteindelijk verantwoordelijk is als het niet goed gaat. Eén keer heb ik iemand moeten ontslaan, uiteindelijk via de kantonrechter. Dit was een redelijk pijnlijk proces, maar ik heb mijn best gedaan en dan moet het maar. Het is een raar ‘spel’, ik kon daar niet trots op zijn.”

In 1996 ben ik van RVS naar NN overgestapt, want RVS wilde naar Ede verhuizen en daar had ik geen trek in. Ik kon terecht als teammanager Schade Bedrijven in Den Haag. De mensen waren anders in Den Haag, een hele cultuuromslag. Eerst dacht ik ‘oh jee waar ben ik in vredesnaam aan begonnen!’ Ik zat op een afdeling vol ‘Haagse Harries’. De motorrijtuigenclub was in die tijd een vrijgevochten afdeling. Het is allemaal goed gekomen. Ik ben daar meer streetwise geworden. De laatste vijf jaar werkte ik bij de sector Inkomensverzekeringen voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen voor zelfstandigen. Tot 2009. Bij zoveelste reorganisatie moest de helft van de leidinggeven weg. Mijn inschatting was dat ik wel mocht blijven, toch heb ik er vrijwillig voor gekozen om weg te gaan. Ik deed een beroep op een soort pre-vut en ik ben ik er op mijn 59e uit gegaan.”


Frans de Jager over Jan Pouw:

“Jan heeft een brede kennis en ervaring op het gebied van (schade)verzekeringen. Hij is enthousiast, initiatiefrijk, zeer actief, behulpzaam en het liefst werkend in de luwte. Jan is gedurende vele jaren dé motor van SEB: hij pakt op een goede manier het initiatief, komt met voorstellen, werkt ze uit. Hij is prettig in de omgang en hij maakt vele ‘vlieguren’ voor VO-ING en VO-NN. Jan is de communicatie­schakel bij uitstek.”

Bonustijd

“Toen begon mijn bonustijd. Ik wilde graag wat doen en ik werd chauffeur op de rolstoelbus. Nog steeds haal ik één of twee dagen per week cliënten op voor dagbesteding hier in de Hoeksche Waard op diverse locaties van Zorgwaard. Ik vind het leuk om iets voor mensen te doen zoals voor mensen met een handicap en dementerenden. Tot dit jaar deed ik ook de roosters en rittencoördinatie. Je maakt met deze passagiers soms gekke dingen mee. Laatst reed ik ze naar een pannenkoekenrestaurant. Zegt een cliënt: “Ik moet ik naar m’n crematie toe”. Je mag er niet om lachen maar toch is het soms wel komisch. Andere keren is het diep triest en heftig om te zien hoe mensen aftakelen.” Had Jan niet liever in de zorgsector gewerkt? Jan: “Dat chauffeur zijn is al dichtbij. En voor het werk voor de NVOG waarvan VO-NN nog lid is, geldt dat ook enigszins. Ik ben niet iemand voor de helpende handen aan het bed. Wel bedenk ik graag iets voor de mensen die zorg behoeven.”


Reizen

Eind dit jaar ga ik ook stoppen bij NVOG en ook bij Beter Oud en de Raad van Ouderen. Terugkijkend op de SEB-tijd: “Ik kan zeggen dat ik er veel van heb geleerd. Ik heb het graag gedaan. Ik kwam met veel mensen in contact op verschillenden terreinen. Op de bus werkte ik met de handen en bij SEB met het hoofd.”

En wat gaat Jan doen met zijn nieuwe vrije tijd? “Reizen, Scandinavië is ons favoriete vakantiegebied en met name Noorwegen. We gaan weer een cruise maken van twee weken van Kopenhagen om Schotland en Engeland heen, via Amsterdam en Oslo terug naar Kopenhagen. Met veel stedentrips erin! Van mijn echtgenote Trudy kreeg ik het verwijt dat ik te weinig ‘Trudydagen’ inplan. Voorlopig ben ik nog best wel druk bezig.”

Ewald Wagenaar