“Geen houwer, maar een bouwer”

Hans van den Brink:“…een kunstschilder opdracht gegeven om de zendmast als de muur te schilderen…“

Hans van den Brink (69) maakte ‘sensatie op sensatie’ mee tijdens zijn pionierswerk bij de oprichting van het tweede mobiele telefoonnetwerk, Libertel, dat in 1995 in Nederland van de grond kwam. Enkele van zijn anekdotes uit die periode.

Het jaar 1995 – een voor ING Groep in tweeërlei opzicht turbulent jaar. De tot dan internationaal nog relatief onbekende bank-verzekeraar – een fusie van NMB Postbank Groep en verzekeringsbedrijf Nationale-Nederlanden enkele jaren eerder – verwierf in één klap wereldwijde naamsbekendheid door de prestigieuze maar failliet gegane Britse bank Barings op te kopen. In 1995 ook introduceerden ING Bank en het Engelse Vodafone, samen de belangrijkste aandeelhouders, het tweede netwerk voor mobiele telefonie in Nederland – na KPN. Een immense onderneming en verandering, want hoe normaal vandaag de dag, mobiel bellen was toen weinig bekend: in 1995 had Nederland drie mobiele telefoonaansluitingen per 100 inwoners.


Verbazing

Eén van de grondleggers van deze Engels-Nederlandse samenwerking was Hans van den Brink van ING Vastgoed Development. 'Tot zijn eigen verbazing' werd hij van de ene op de andere dag door zijn baas, Jan Doets, achter zijn bureau vandaan gehaald om met Vodafone en een Nederlandse werkmaatschappij – met de voorlopige naam MT2 (mobiele netwerk 2) de voorbereidingen en uitvoering voor dit tweede mobiele net op te zetten. Alles moest op stel en sprong: Hans kon zelfs zijn eigen werkzaamheden niet overdragen. Toenmalig minister van Verkeer en Waterstaat in het eerste paarse kabinet, Annemarie Jorritsma, had al de licentie hiervoor verleend, mits de Randstad – daar bevonden zich de meeste beginnende gebruikers: early adopters – uiterlijk september 1995 als eerste regio in Nederland een dekkend netwerk kreeg. Een onhaalbare voorwaarde zou later blijken…

De bovenste etage van het Postbankgebouw Leeuwenburg aan de Amstel in Amsterdam werd ingeruimd voor het nieuwe telefoniebedrijf met de nieuwe naam Libertel. Van meet af aan stond de invoering onder zeer grote tijdsdruk, hectische tijden waren het. "Aangezien ING zelf geen enkele expertise bezat, werden Engelse technici van Vodafone 's maandags ingevlogen en keerden vrijdags weer huiswaarts", weet Hans nog, "de Engelsen waren de baas en de productie moest en zou worden gehaald." Toch dreigde de continuïteit in gevaar te komen doordat Nederlanders, gewoontegetrouw, in de vakantieperiode hun verlof opnamen in tegenstelling tot hun Engelse collega's van wie de verloven waren ingetrokken.


Dodemansknop

Ze zijn nu een vertrouwd stadsbeeld: zendmasten die nodig zijn om de signalen van mobiele telefoons op te pakken en te verzenden. Maar in een tijd dat deze er nog helemaal niet waren, was plaatsing geen vanzelfsprekendheid, want zij ontsierden het straatbeeld. Van den Brink heeft er ervaring mee: "In Wassenaar stond een rooms-katholieke kerk en de parochie wilde niet meewerken. Nu ben ik zelf ook rooms-katholiek en ik deed het voorstel om de mast onzichtbaar te maken en deze in de kleuren en patroon van de stenen muur te laten schilderen." Als tegenprestatie ontvingen eigenaren van gebouwen waar de masten geplaatst werden een vergoeding van 8.000 Nederlandse guldens (in euro's: 3.630,24) plus een vergoeding voor bijkomende kosten. "Toen was de kerk om", kijkt Hans tevreden terug, "ik heb een kunstschilder opdracht gegeven om de mast in dezelfde trant als de muur over te schilderen. De mast staat er nog steeds."

Een ander voorbeeld dat de bouw van zendmasten niet zonder slag of stoot ging, was Hans' idee voor plaatsing bij een politie- en brandweerpost, maar er was opnieuw weerstand: door straling zouden de communicatiemiddelen van de hulpdiensten kunnen worden verstoord. "Ik kwam op het idee van een dodemansknop die ik van de treinen ken en ik stelde voor om die in te bouwen. Met de knop kon de hele installatie in een keer uitgezet worden. Die Engelsen hadden dat niet en konden dat niet. Ik heb toen gezegd: vandaag maken en morgen klaar." En zo gebeurde.


Hans van den Brink: Liever bezig met ontwikkeling van nieuwe winkelcentra en grotere kantoorgebouwen


Feest

Het tweede mobiele telefoonnet werd een 'doorslaand succes' ofschoon niet alle doelen op tijd werden gehaald. Nederland was enthousiast: bedrijven, instellingen, zij gingen massaal over op mobiele telefonie en de mensen van Libertel werden met gebak onthaald. KPN zag Libertel als een geduchte concurrent: "De KPN gedroeg zich ambtelijk en als een monopolist, aanvragen om van vast naar mobiel over te gaan duurden een halfjaar waar tien minuten hooguit nodig waren", weet de pionier van het eerste uur. September 1995 was het zover: het tweede mobiele netwerk in Nederland werd officieel en op grootse en feestelijke wijze in gebruik genomen. De plaats van handeling was niet mis: het chique hotel Kurhaus in Scheveningen. Minister Jorritsma van Verkeer en Waterstaat verrichtte de openingshandeling: zij pleegde het allereerste mobiele telefoontje van Libertel. Maar wat toen en tot nu geheim is gebleven en nooit bekend is geworden, is dat dit telefoontje via het vaste(!) netwerk van KPN verliep…


Na de oprichting

Voor zichzelf zag Van den Brink na vestiging geen plaats als leidinggevende of een andere functie bij Vodafone dat in Maastricht haar hoofdkantoor kreeg. Hij ziet zo'n rol meer als onderhoud. "Ik ben geen houwer, maar een bouwer" en hij vroeg zijn baas om hem terug te plaatsen bij het vastgoedbedrijf van ING Bank. Liever hield hij zich bezig met ontwikkeling van nieuwe winkelcentra en grotere kantoorgebouwen.

Na zijn pensionering op zijn 58e heeft Hans enige tijd geschiedenis gestudeerd. Hij is lid van de Vrijmetselarij en houdt veel van klassieke muziek en Ierse treble (=Ierse muziek, vooral rebelsongs uit de tijd van The Troubles). Die laatste liefhebberij is niet vreemd: Hans is al 45 jaar getrouwd met zijn Cathy, een Ierse. Samen hebben zij twee dochters en zes kleinkinderen. Hans van den Brink is tegenwoordig maatschappelijk actief als penningmeester bij zijn eigen r.-k. parochie. Ook voor de kringloopwinkel en bij de voedselbank beheerde hij de financiën. Een zinvolle tijdsbesteding maar minder spectaculair dan in 1995.

Hans Nijenmanting